← Alle artikelen

Permanente bewoning recreatiewoning getoetst

Illustratie van een oudere man bij de deur van zijn chalet op een vakantiepark met een brief van de gemeente, naast hem zijn dochter, op de achtergrond arbeiders die terugkomen van hun werk

Op 6 oktober 2026 wees het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de ontruiming af van ongeveer vijftig Roemeense arbeidsmigranten op vakantiepark Van Harte in Echten. Ze hoeven er voorlopig niet uit. Dezelfde week kwam er nog een zaak over permanente bewoning van een recreatiewoning in het nieuws.

Twee dagen later stond Wim van Bodegraven (80) uit Eibergen in De Stentor: hij woont op een vakantiepark en de gemeente Berkelland dreigt met een dwangsom van 10.000 euro. Op X werden die twee berichten naast elkaar gelegd, met de conclusie dat ons land “finaal naar de…” is. Die post kreeg 1.675 likes.

Klopt dat? De feiten wel. De vergelijking niet.

Wij lazen de uitspraak van het hof zelf en zochten in onze eigen database met ruim een miljoen uitspraken naar zaken over permanente bewoning van een recreatiewoning. Het hof heeft niet gezegd dat de arbeidsmigranten daar mogen wonen. De gemeente De Wolden pakt dat park net zo hard aan als Berkelland Wim aanpakt. Het verschil zit ergens anders, en dat heeft niets met afkomst te maken.

Screenshot van het DvhN-artikel van 6 oktober 2026: arbeidsmigranten hoeven hun woningen op recreatiepark in Echten toch niet uit
Een van de twee screenshots uit de post van @SimoneSays123 (9 oktober 2026). Het artikel verscheen in het Dagblad van het Noorden.

Het hof gaf geen toestemming voor permanente bewoning

De uitspraak van het hof (ECLI:NL:GHARL:2026:6363) is een kort geding tussen huurders en hun verhuurder. De gemeente is geen partij. De verhuurder, Holtri Vastgoed, hoort bij hetzelfde concern als uitzendbureau Sterk Werk, waar de bewoners voor werken of werkten.

Holtri wilde de woningen snel leeg hebben, omdat de gemeente haar zelf een last onder dwangsom had opgelegd van 250.000 euro.

Over de vraag of permanent wonen daar mag, is het hof duidelijk. Dat mag niet. Het hof schrijft dat “niet ter discussie” staat dat de bewoning in strijd is met het omgevingsplan.

De Raad van State bevestigde op 22 juli 2026 dat de gemeente geen tijdelijke vergunning voor de huisvesting van arbeidsmigranten op het park hoefde te geven. De rechtbank Noord-Nederland vond op 11 augustus 2026 dat handhaving “niet onevenredig” is. Alleen de termijn moest langer. Die dwangsom van 250.000 euro blijft dus gewoon staan.

Wat de post zegtWat de uitspraak zegt
De migranten “mogen blijven wonen in een vakantiewoning”Ze hoeven er voorlopig niet uit. Een gewone procedure over het einde van de huur kan nog volgen, en de dwangsom van de gemeente blijft van kracht.
“Hun belang is veel groter en ze verdienen weinig”Het hof woog de belangen “ten overvloede”. De vordering viel al om een andere reden: de verhuurder had geen enkel plan om het park recreatief te gebruiken (r.o. 4.15-4.16).
Migranten krijgen een voorkeursbehandelingZij zijn huurders. Huurbescherming geldt voor iedere huurder van woonruimte, ook voor een Nederlander van 80.
Bron: ECLI:NL:GHARL:2026:6363 en het persbericht van het hof.

Waarom de huurders van Van Harte voorlopig blijven

Een verhuurder kan een huurcontract voor woonruimte niet zomaar opzeggen. Stemt de huurder niet in, dan loopt het contract door totdat een rechter onherroepelijk heeft beslist (artikel 7:272 BW). In een kort geding mag de rechter alleen op die uitkomst vooruitlopen als er “niet in redelijkheid aan kan worden getwijfeld”. Die twijfel was er wel.

Holtri beriep zich op een opzeggingsgrond uit de wet: de verhuurder wil de bestemming uit het omgevingsplan verwezenlijken (artikel 7:274 lid 1 onder e BW). Hier zegt het hof dat ophouden met verboden gebruik iets anders is dan de bestemming waarmaken. Holtri had “geen enkel concreet plan” voor recreatie op het park.

Een onderzoek uit 2024 noemde recreatieve verhuur daar zelfs “niet realistisch”.

Pas daarna, als extra argument, kwam de belangenafweging uit de post. Het hof woog het geld van Holtri af tegen het woonrecht van de huurders. Holtri had jaren aan de verhuur verdiend en wist sinds november 2021 dat de gemeente geen vergunning gaf. De huurders hadden hun huur altijd betaald, hebben een laag inkomen en weinig netwerk, en één gezin heeft twee kinderen die vlakbij naar school gaan.

Het hof verwacht ook niet dat Holtri de dwangsom echt moet betalen: wie door de huurbescherming niet kan ontruimen, kan de gemeente vragen de last op te schorten (artikel 5:34 Awb).

Huur je zelf en wil je verhuurder je eruit? Meer uitspraken over opzegging en ontruiming vind je onder huurrecht. Twijfel je over een opzegging door je verhuurder? Op onze pagina Mag mijn verhuurder dat? lees je wanneer een verhuurder wel en niet mag opzeggen.

Screenshot van het Stentor-artikel van 8 oktober 2026 over Wim van Bodegraven (80) uit Eibergen en de dwangsom van 10.000 euro
Het tweede screenshot uit dezelfde post op X. Hart van Nederland sprak ook met zijn dochter.

Wim heeft geen verhuurder tussen zich en de gemeente

Bij Wim ligt het anders. De gemeente richt de last onder dwangsom rechtstreeks aan hem, de bewoner. Huurbescherming helpt je tegen je verhuurder, niet tegen de gemeente. Dat is het echte verschil met Echten: daar richt de gemeente zich op het bedrijf, en dat bedrijf loopt vast op de rechten van zijn huurders.

Uit de berichtgeving blijkt niet of Wim zijn chalet huurt of bezit, maar de dwangsom is aan hem gericht.

Een dwangsom is ook geen boete, al schrijft De Stentor dat wel. Wim verbeurt pas geld als hij na de termijn die de gemeente hem geeft (de begunstigingstermijn) nog op het park woont. Berkelland liet Hart van Nederland weten dat de situatie ingrijpend is, maar dat eerdere besluiten inmiddels definitief zijn en dat de gemeente persoonlijke omstandigheden meeweegt. Dat laatste weegt zwaar.

Een besluit waar geen bezwaar of beroep meer tegen loopt, beschouwt de rechter als rechtmatig. Dat zie je terug in een zaak uit Putten, waar de erfgenamen van een echtpaar op leeftijd tevergeefs schadevergoeding vroegen (ECLI:NL:RBGEL:2025:1223).

En het COA uit de post? Ook het COA heeft voor opvang op een vakantiepark een vergunning nodig. In Loozen kreeg het in 2022 een tijdelijke vergunning voor zes maanden. Wie zonder vergunning doorgaat, krijgt dezelfde behandeling. De gemeente Hardenberg kondigde op 9 maart 2026 aan het COA een last onder dwangsom op te leggen voor bungalowpark De Roskamp in Loozen: 11.000 euro per dag, tot maximaal 990.000 euro.

Permanente bewoning recreatiewoning: de last verdween één keer

Hoe vaak komt een bewoner onder een dwangsom uit? Wij zochten in onze database alle uitspraken sinds 1 januari 2025 waarvan de samenvatting over permanente bewoning van een recreatiewoning, chalet of vakantiepark gaat. Dat waren er 53. Daarvan gingen er 32 over een last onder dwangsom of bestuursdwang tegen permanente bewoning, of over het innen van een verbeurde dwangsom, aangevochten door de bewoner of eigenaar. Zaken waarin buren om handhaving vroegen, tellen we niet mee. Van die 32 lazen we de beslissing. In drie zaken is er nog geen einduitkomst. Dit is de stand van de andere 29:

UitkomstZaken
Last of invordering blijft volledig staan16
Last blijft, maar de rechter geeft extra tijd om te vertrekken8
Last blijft, lagere dwangsom en invordering opnieuw1
Last blijft, invordering vernietigd of omlaag3
Gemeente ziet zelf af van handhaving, rechter laat dat staan1
Bron: eigen telling in de gepubliceerde uitspraken van rechtspraak.nl, 1 januari 2025 tot en met 15 oktober 2026, gezocht op de samenvatting. In de zaak uit Baarle-Nassau sneuvelden andere besluiten over bouwen, maar de last tegen de permanente bewoning bleef staan; die zaak telt daarom als “volledig staan”. Zaken waarvan de samenvatting het onderwerp niet noemt, missen we. Lang niet elke uitspraak wordt gepubliceerd.

Alleen in Goeree-Overflakkee verdween de last zelf: de gemeente zag na onderzoek naar de medische situatie van de bewoner af van handhaving, en de Raad van State liet dat staan. In drie zaken bleef de last bestaan, maar ging het mis bij het innen. Twee keer kon de gemeente niet bewijzen dat er een dwangsom was verbeurd (Alphen-Chaam en Ermelo). Eén keer moest de gemeente gedeeltelijk van invordering afzien (Maasgouw).

Extra tijd komt vaker voor: acht keer gaf de rechter een bewoner weken of maanden erbij. Dit zegt iets over de gepubliceerde zaken, niet over jouw kans.

Hoge leeftijd alleen is voor de rechter geen reden

Dit zijn zaken uit onze database die het dichtst bij de situatie van Wim komen. Ze laten zien welke argumenten wel en niet aankomen.

  • Bergen (NH), Raad van State 2022. Aangevoerd: hoge leeftijd, broze gezondheid, verhuizen naar zoon in Spanje niet haalbaar. Uitkomst: verloren. De dwangsom van 75.000 euro ineens bleef staan.
  • Elburg, rechtbank 2025. Aangevoerd: ziek, in GGZ-behandeling, uitkering, krappe woningmarkt. Uitkomst: verloren. Zijn ziekte noemde hij pas in beroep, dus de gemeente had die niet kunnen meewegen.
  • Ede, Raad van State 2025. Aangevoerd: gezin met twee kinderen, woningnood, de brief van de minister. Uitkomst: verloren, wel een nieuwe termijn van 26 weken om te vertrekken.
  • Voorne aan Zee, Raad van State 2025. Aangevoerd: opa met minderjarige kleinzoon, belang van het kind. Uitkomst: verloren, maar de last werd geschorst tot en met 31 juli 2026.
  • Opmeer, Raad van State 2025. Aangevoerd: op gevorderde leeftijd, de brieven van de gemeente hadden haar niet bereikt. Uitkomst: verloren. Haar bezwaar kwam te laat en werd daarom niet inhoudelijk bekeken.
  • Goeree-Overflakkee, Raad van State 2025. Aangevoerd: medische en psychische situatie, met een rapport over of verhuizen haalbaar was. Uitkomst: de gemeente trok de last zelf in. De eigenaar ging daartegen in beroep en verloor.

Bron: eigen database met gepubliceerde uitspraken van rechtspraak.nl, gelezen op 15 oktober 2026. Klik op een zaak voor de volledige uitspraak. Zo lees je een ECLI.

De lijn is hard. De Raad van State herhaalt dat handhaven alleen onevenredig is als er omstandigheden zijn met “een zodanig zwaar gewicht” dat het algemeen belang moet wijken. Medische redenen tellen alleen “in zeer uitzonderlijke gevallen”. De rechtbank Gelderland schreef in 2025 dat “de woningnood voor iedereen geldt”. Hoge leeftijd plus een lange wachtlijst is in deze zaken dus nog niet genoeg.

Twee dingen helpen wel. Je omstandigheden moeten op tijd bij de gemeente liggen, met stukken erbij. En je moet laten zien dat je echt zoekt. In de zaken uit Ede en Voorne aan Zee ging het daar mis. In Ede had de bewoner volgens de Raad van State niet genoeg gedaan om andere woonruimte te zoeken. In Voorne aan Zee had hij niet aannemelijk gemaakt dat er in de omgeving niets te vinden was.

De minister vroeg terughoudendheid, Berkelland handhaaft toch

Hier zit wat ons betreft het echte verhaal, en dat gaat niet over arbeidsmigranten. Op 3 juli 2026 schreef woonminister Boekholt-O’Sullivan in een Kamerbrief dat permanente bewoners van recreatiewoningen “nooit zomaar op straat” mogen komen te staan. Ze vroeg gemeenten “nadrukkelijk terughoudend te zijn met handhaving”, totdat er eind dit jaar een landelijk handelingskader met de VNG ligt.

In dezelfde brief schrapte ze de regel die bestaande bewoning echt had moeten toestaan, omdat Dienst Toeslagen die niet kon uitvoeren.

Een verzoek is geen wet. Gemeenten mogen dus doorgaan, en dat doen ze ook. Uit een rondgang van de regionale omroepen en de NOS, gepubliceerd op 30 september 2026, blijkt dat meer dan honderd gemeenten de oproep negeren.

Rechters volgen de gemeenten daarin. In de zaak uit Ede leverde een beroep op Kamermoties en een eerdere ministersbrief niets op: de voorwaarden moesten nog worden uitgewerkt, dus was er geen concreet zicht op legalisatie.

DatumWat er gebeurde
19 december 2024De toenmalige minister vraagt gemeenten om bewoners van recreatiewoningen voorlopig met rust te laten.
3 juli 2026Minister Boekholt-O’Sullivan schrapt de geplande regel en vraagt opnieuw om terughoudendheid.
30 september 2026Rondgang regionale omroepen en NOS: meer dan honderd gemeenten handhaven gewoon door.
6 oktober 2026Het hof wijst de ontruiming in Echten af. De dwangsom aan de verhuurder blijft.
8 oktober 2026De Stentor schrijft over Wim (80) en de dwangsom van 10.000 euro in Berkelland.
Eind 2026Het landelijke handelingskader van minister en VNG moet klaar zijn.
Bronnen: de Kamerbrief van 3 juli 2026, de uitspraak uit Ede (over de brief van 19 december 2024) en NH Nieuws.

Berkelland handelt binnen de wet, en Den Haag heeft bewoners zoals Wim zekerheid beloofd zonder regel die hen beschermt. De boosheid op X richt zich op de verkeerde. De migranten in Echten zijn net zo goed onderwerp van handhaving, en ze zitten daar via een uitzendconcern dat jarenlang verdiende aan verhuur die volgens de gemeente niet mocht.

“Gestraft voor eerlijkheid” klopt ook niet helemaal

Wim zegt in De Stentor dat hij wordt “gestraft voor mijn eerlijkheid”, en zijn dochter vindt dat de inschrijving op het park tegen hem is gebruikt. Dat voelt oneerlijk.

Maar inschrijven op het adres waar je woont is een wettelijke plicht, geen gunst aan de gemeente. Een inschrijving in de basisregistratie is ook geen toestemming om er te wonen. Dat oordeelde de Raad van State nog op 30 september 2026 in een zaak uit Eijsden-Margraten (ECLI:NL:RVS:2026:5813). Wie Wim steunt, doet hem geen plezier met het idee dat hij zich beter niet had kunnen inschrijven.

Vraag om uitstel vóór je termijn afloopt

  1. Kijk wanneer je termijn afloopt. Die datum staat in het besluit. Pas daarna kun je een dwangsom verbeuren.
  2. Vraag schriftelijk om verlenging of opschorting, vóór die datum. Leg je leeftijd, gezondheid en zoektocht vast met stukken: inschrijvingen bij woningcorporaties, afwijzingen, een brief van je huisarts. In de zaak uit Elburg zei de rechtbank letterlijk dat de bewoner de gemeente daar zelf “formeel” om moest vragen.
  3. Noem de Kamerbrief van 3 juli 2026. Die verplicht de gemeente tot niets, maar je vraagt haar wel om uit te leggen waarom zij afwijkt van wat de minister en de VNG als uitgangspunt noemen.
  4. Krijg je een nieuw besluit, zoals een invordering? Lees onderaan wat je kunt doen en binnen welke termijn. Meestal is dat bezwaar binnen zes weken. Loopt er al een procedure over de last, dan kan een invorderingsbesluit daar vanzelf in meelopen (artikel 5:39 Awb). Dien je bezwaren dan op tijd in die procedure in. Ons bezwaarschrift voorbeeld laat zien wat er wettelijk in een bezwaar moet.

Verwacht geen wonder van de rechter. In het hoger beroep tegen de overheid wint een burger bij de Raad van State ongeveer één op de vijf keer.

Bij een dwangsom tegen permanente bewoning is de gemeente meestal de partij die het eerste en het laatste woord heeft. Wil je weten welke uitspraken op jouw situatie lijken, zoek ze dan op met rechtshulp met AI, of ga naar het Juridisch Loket. Dit artikel is geen persoonlijk juridisch advies.

Eind 2026 komt het handelingskader, en dan valt Berkelland ermee te meten

De minister belooft de Kamer vóór het einde van het jaar de uitwerking van de afspraken met de VNG. Ze schrijft dat ze gemeenten “kan aanspreken” als die er niet naar handelen. Staat daarin dat bewoners in een schrijnende situatie eerst hulp krijgen bij andere woonruimte voordat er geld wordt ingevorderd, dan heeft Wim een argument dat hij nu nog mist. Blijft het bij afspraken zonder regel, dan verandert er voor hem weinig.

In Echten is het nog niet voorbij. Holtri kan een gewone procedure beginnen om de huur te beëindigen, en een ambtenaar van De Wolden zei op de zitting dat de gemeente zich “opnieuw zal moeten bezinnen” op de dwangsom als het hof de ontruiming afwijst. Dat is nu gebeurd. Wat De Wolden met die dwangsom van 250.000 euro doet, laat zien of de huurbescherming van de huurders ook de verhuurder uit de wind houdt.