← Alle artikelen

Trekkers op de snelweg: verboden, tóch gedoogd — en nu?

Lange file op een Nederlandse snelweg bij avondlicht, gezien vanaf een viaduct

Twee mensen van 71 en 72 uit Oss kwamen vrijdag om het leven op de A59 bij Heesch, in de staart van een file die was ontstaan doordat honderden trekkers over de snelweg naar een boerenprotest in Den Bosch reden. Zes anderen raakten gewond. Een dag eerder had een advocaat de aanpak van politie en justitie nog samengevat als “wachten op een dode”. Vijf dagen later trok het Openbaar Ministerie de lijn recht: trekkers op de snelweg zijn gevaarzettend en dus strafbaar, en daar wordt voortaan op gehandhaafd. Politievakbond ACP reageerde met de vraag die sindsdien overal terugkomt: geldt dat dan ook voor Extinction Rebellion? Dit stuk zet op een rij wat er precies is besloten, wat de wet zegt, en wat rechters in eerdere snelwegprotest-zaken deden — bij boeren én bij klimaatactivisten.

Hoe het zover kwam

13 augustus
Politie en OM kiezen de lijn: trekkers op de snelweg niet tegenhouden, wél optreden bij blokkades of gevaar.
13 augustus
Een advocaat vat de aanpak samen als “wachten op een dode”.
14 augustus
Dodelijk ongeval op de A59 bij Heesch: twee doden en zes gewonden in de staart van een file, ontstaan door trekkers op weg naar het boerenprotest in Den Bosch.
14 augustus
Het kabinet roept boeren op niet meer op snelwegen te demonstreren (“bloedlink”).
19 augustus
Het OM stelt landelijke uitgangspunten vast: rijden met een landbouwvoertuig op de snelweg is doorgaans gevaarzettend en daarmee strafbaar, dus strafrechtelijk optreden is aangewezen.
20 augustus
Politievakbond ACP: als trekkers op de snelweg strafbaar zijn, dan geldt dat ook voor Extinction Rebellion of wie dan ook die een snelweg blokkeert.
Nu
Strafrechtelijk onderzoek loopt — naar de bestuurder (artikel 6 WVW), de veroorzakers van de file en de houdbaarheid van het gedoogbesluit.

Wat politie en OM besloten

Trekkers weren van de snelweg is geprobeerd, liet de politie weten, maar mislukte door het grote aantal op- en afritten. Daarop werd de lijn: tractoren op de snelweg niet tegenhouden, wél optreden als ze de weg blokkeren of gevaarlijke situaties veroorzaken. Na het ongeval riep het kabinet boeren op niet meer op snelwegen te demonstreren — “bloedlink” — en vroeg ook de organisatie van het protest de terugreis via binnenwegen te doen.

19 augustus: het OM trekt de lijn recht

Vijf dagen na het ongeval publiceerde het Openbaar Ministerie landelijke uitgangspunten voor de strafrechtelijke handhaving. Daarin staat het onomwonden:

“Het uitgangspunt van het Openbaar Ministerie is dat het demonstratierecht in beginsel niet in de weg staat aan strafrechtelijke vervolging. Voor rijden met een landbouwvoertuig op een snelweg geldt dat dit doorgaans gevaarzettend is en daarmee strafbaar.”

Drie dingen vallen op aan dat stuk.

  • Er is precies één uitzondering. Handhaving blijft achterwege als de demonstratie met trekkers op de snelweg vooraf is aangemeld bij de burgemeester én die haar niet heeft verboden. Niet gemeld is dus niet gedoogd.
  • Afgeplakte kentekens vallen er expliciet onder. Ook daarvoor geldt strafrechtelijke handhaving.
  • Een enkele Wom-overtreding wordt juist niet vervolgd. Is een demonstratie alleen niet gemeld, zonder verdere strafbare feiten, dan vervolgt het OM in beginsel niet — de rechter komt dan meestal toch tot ontslag van rechtsvervolging of schuldigverklaring zonder straf. Het onderscheid zit dus niet in wie er demonstreert, maar in of er gevaar wordt gezet.

Dat laatste is precies de scheidslijn die de politie een week eerder anders had gelezen. De politie Oost-Brabant had voorafgaand aan het protest in Den Bosch gezegd in beginsel niet op te treden tegen trekkers op de snelweg, met verwijzing naar het demonstratierecht en naar het landelijke OM. Politie en OM gaan hun eigen optreden rond dat protest evalueren.

En toen kwam de ACP: gelijke monniken, gelijke kappen?

Politievakbond ACP reageerde een dag later met een punt dat sindsdien breed wordt gedeeld: als trekkers op de snelweg strafbaar zijn, dan geldt dat ook voor Extinction Rebellion of anderen die een snelweg blokkeren of bezetten. De bond wees er ook op dat de politie zelf in 2015 files veroorzaakte met langzaamaanacties op snelwegen, voor een betere cao.

Als vraag naar consistente handhaving is dat terecht. Maar als juridische vraag is hij al beantwoord, en wel jaren geleden. Wij hebben de uitspraken erbij gezocht, en het antwoord is misschien saaier dan het debat: de rechter gebruikt voor beide groepen hetzelfde wetsartikel.

Op 28 februari 2023 boog de rechtbank Den Haag zich over een klimaatactivist die via X had opgeroepen de A12 te blokkeren. De rechtbank kwalificeerde dat als opruiing tot artikel 162 van het Wetboek van Strafrecht: het opzettelijk versperren van een openbare landweg terwijl daarvan gevaar voor de veiligheid van het verkeer te duchten is. Precies hetzelfde artikel waarvoor boeren na de A7-blokkades werden veroordeeld.

En dan staat er in dat vonnis een passage die je nu anders leest dan in 2023:

“Een blokkade van deze weg leidt tot lange files en kan verkeersonveilige situaties tot gevolg hebben, bijvoorbeeld omdat verkeersdeelnemers plotseling moeten remmen om een aanrijding te voorkomen en daarbij ook onveilige manoeuvres kunnen maken, met alle gevolgen van dien.”

De rechtbank oordeelde dat het demonstratierecht uit de artikelen 10 en 11 EVRM niet absoluut is en beperkt mag worden in het belang van de verkeersveiligheid — precies het belang dat artikel 162 Sr beschermt (ECLI:NL:RBDHA:2023:2284).

Bij de inhoudelijke strafzaken liep het niet anders af. Op 2 augustus 2023 veroordeelde dezelfde rechtbank meerdere klimaatactivisten voor opruiing tot de A12-blokkade. Eén van hen kreeg 60 uur taakstraf en moest hoofdelijk € 9.053,22 schadevergoeding aan de gemeente Den Haag betalen voor beschadigde tunnelwanden. De verweren dat het OM niet-ontvankelijk zou zijn, faalden allemaal (ECLI:NL:RBDHA:2023:11450).

Het eerlijke antwoord op de ACP-vraag is dus tweeledig. Juridisch werd er nooit met twee maten gemeten: klimaatactivisten zijn voor snelwegblokkades vervolgd en veroordeeld onder hetzelfde artikel 162 Sr, mét toetsing aan het demonstratierecht. Waar wél verschil zat, was in de handhaving op straat: bij de A12 werd massaal aangehouden, bij trekkers op de snelweg werd in Oost-Brabant besloten niet in te grijpen. Dat is geen verschil in de wet, maar in de keuze van de driehoek. En precies die keuze heeft het OM nu voor het hele land dichtgetimmerd.

Wat de wet zegt: de snelweg is geen trekkerterrein

Hier is de wet ongewoon duidelijk. Artikel 42 van het RVV 1990:

“Het gebruik van de autosnelweg is slechts toegestaan voor bestuurders van een motorvoertuig waarmee met een snelheid van ten minste 60 km per uur mag en kan worden gereden.”

Een landbouwvoertuig voldoet daar niet aan: een trekker op de autosnelweg is dus gewoon verboden, protest of geen protest. Daarnaast verbiedt artikel 5 van de Wegenverkeerswet gedrag dat gevaar op de weg veroorzaakt of het verkeer hindert — en wie een openbare weg opzettelijk verspert, komt bij artikel 162 van het Wetboek van Strafrecht terecht, een misdrijf.

Mag het OM dat dan zomaar gedogen?

Juridisch: ja. Nederland kent het opportuniteitsbeginsel (artikel 167 van het Wetboek van Strafvordering): het OM mag van vervolging afzien “op gronden aan het algemeen belang ontleend”. Bij demonstraties weegt daar het demonstratierecht doorheen, en beslist de lokale driehoek van burgemeester, OM en politie per situatie. Gedogen is dus een keuze binnen de wet — geen plicht, en ook geen vrijbrief: het maakt het rijden zelf niet legaal, het betekent alleen dat er op dat moment niet wordt ingegrepen of vervolgd.

Wat rechters eerder besloten over snelwegprotesten

Het demonstratierecht is groot, maar houdt op waar de snelweg begint — dat is geen mening maar vaste rechtspraak, en wij hebben de zaken erbij gezocht.

De A7-blokkade van 2017. Demonstranten die op de A7 het verkeer blokkeerden om een andere demonstratie tegen te houden, werden door het gerechtshof veroordeeld voor het medeplegen van het opzettelijk versperren van de weg (artikel 162 Sr), “terwijl daarvan gevaar voor de veiligheid van het verkeer te duchten was”. Interessant voor nu: het verweer dat het OM anderen óók niet vervolgde — een beroep op het gelijkheidsbeginsel — werd verworpen (ECLI:NL:GHARL:2019:9292). Dat het ergens anders werd gedoogd, beschermde deze verdachten dus niet.

De boerenprotesten van 2022. Na de A7-versperring bij Frieschepalen — met gedumpt afval op de weg — veroordeelde de rechtbank een betrokkene tot 240 dagen gevangenisstraf (grotendeels voorwaardelijk) en 200 uur taakstraf voor het medeplegen van het versperren van de rijksweg (ECLI:NL:RBNNE:2024:1718). Ook hier: het protestkarakter was geen rechtvaardiging.

En het ongeval — wie is daarvoor aansprakelijk?

Dat is nu de vraag die op sociale media het hardst klinkt, en het eerlijke antwoord is: dat moet het onderzoek uitwijzen, en de wet kijkt naar meerdere lagen tegelijk.

De bestuurder die achterop reed. Bij een dodelijk verkeersongeval toetst justitie aan artikel 6 van de Wegenverkeerswet: is het ongeval “aan zijn schuld te wijten”? Dat vraagt om meer dan een inschattingsfout — de mate van onoplettendheid, snelheid en omstandigheden wegen allemaal mee. Zolang dat onderzoek loopt, is iedere betrokkene onschuldig tot het tegendeel vaststaat.

De veroorzakers van de file. Kan de lijn uit de A7-zaken worden doorgetrokken naar wie de file veroorzaakte? Strafrechtelijk vergt dat bewijs van versperren of gevaarzetting én een verband met het gevolg; civielrechtelijk (onrechtmatige daad) speelt dezelfde vraag naar het causale verband — een kop-staartbotsing in de staart van een file heeft juridisch gezien meerdere schakels. Dit soort zaken is zeldzaam en de uitkomst is allerminst zeker.

De overheid die gedoogde. De beslissing om niet in te grijpen is een beleidskeuze waarvoor de rechter de overheid veel ruimte laat. Maar het gedogen zal ongetwijfeld terugkomen in elke strafzaak die hieruit volgt — als verweer (“het werd toch toegestaan”) én als politieke vraag. De A7-jurisprudentie laat zien dat zo’n verweer het bij de strafrechter tot nu toe niet haalde.

Wat je hiervan onthoudt

Trekkers op de autosnelweg zijn verboden, gedogen maakt dat niet legaal, en het demonstratierecht heeft rechters er niet van weerhouden om snelwegversperringen als misdrijf te bestraffen — of de bestuurder nu een boer of een klimaatactivist is. Sinds 19 augustus is de gedoogruimte bovendien tot één uitzondering teruggebracht: vooraf gemeld en niet verboden door de burgemeester. Wat het ongeval juridisch gaat betekenen — voor de bestuurder, voor de protestorganisatie, voor het gedoogbesluit — hangt af van het onderzoek dat nu loopt. Wil je zelf nazoeken hoe rechters oordelen over demonstraties, blokkades of verkeersaansprakelijkheid, mét de uitspraken erbij? Stel je vraag in de juridische chat — de eerste vijf vragen per maand zijn gratis.

Het dossier staat met andere spraakmakende zaken bij elkaar op de site.

Stel je vraag Reactie meestal op werkdagen